Stap 1 : Onderzoek (voor je begint ... ) of het bestuur van kerk of parochie of klooster achter veranderingen in de kerktuin staat en ontvankelijk is voor voorstellen.

Stap 2 : Zoek bondgenoten om een tuinplan te (her)ontwerpen en te onderhouden: vorm een werkgroep.

Stap 3 : Bepaal met elkaar wat je in een 'ideale tuin' gerealiseerd wilt hebben en laat zoveel mogelijk de ideeën komen uit de geloofsgemeenschap door zoveel mogelijk mensen uit te nodigen mee te denken. Maak bijvoorbeeld een papier met keuzes die men kan aankruisen bijvoorbeeld:
stilte plek/ plukborders voor de bloemschiksters?
pluktuin voor kerkleden die geen eigen tuin hebben?
een tuin met planten die in de kindernevendienst of catechese gebruikt kunnen worden?
of moeten er 'planten met een verhaal' of met een bepaalde symboliek in staan?
hoeveel ruimte kan de natuur krijgen: een tuin helemaal op natuur gericht of moet het een natuurrijke tuin worden, of toch het liefste veel gras voor de koffie buiten en weinig borders?
Als de wensen geïnventariseerd zijn, maak dan een tuin (her)ontwerp of laat dat doen (zie lijst niet helpers). Let daarbij op grondsoort, ligging en streekeigenkarakter! Voeg daaraan een beheersplan met werkschema toe.

Stap 4 : Bespreek het plan met elkaar en vraag toestemming aan de bestuursorganen.

Stap 5 :Maak een lijst met benodigde planten, publiceer die in het parochieblad of kerkblad en vraag wie voor stekken en vaste planten kan zorgen. Bevriende kwekers weten soms adressen waar een en ander tegen billijke prijzen gekocht kan worden. In vele plaatsen worden tuinmarkten gehouden waar particulieren zaden, stekjes en planten aanbieden.

Stap 6 : Vorm eventueel een tuinfonds (ter versterking van de kas kan men jam of andere plantaardige produkten (geurzakjes) verkopen of bloemstukken met kerst of moederdag maken etc. Of men kan een lijst met planten en struiken maken met prijzen daarbij die men kan 'adopteren').

Stap 7 : Maak afspraken met de vrijwilligers: wie onderhoudt wat en wanneer (frequentie)? Zorg ook dat er minstens twee mensen zijn die als eindverantwoordelijke aangesproken kunnen worden.

Stap 8 : Als er te weinig vrijwilligers vanuit de geloofsgemeenschap zijn, probeer dan contact te krijgen met andere enthousiaste mensen, zoals IVN-leden (Vereniging voor Natuur en Milieueducatie) of leden van de KMTP (Koninklijke Maatschappij Tuin bouw- en Plantkunde) of andere tuinclubs. Houd het gezellig en organiseer aan het begin en het eind van het werkseizoen een leuke middag of avond met elkaar!